Hoe een Uni-T warmtebeeldcamera instellen voor dagelijks gebruik

E
Erik Jansen
Thermografie-specialist & Redacteur
Warmtebeeldcamera Merken · 2026-02-15 · 7 min leestijd

Een warmtebeeldcamera van Uni-T is een krachtig stuk gereedschap, maar uit de doos werkt 'ie vaak niet optimaal voor jouw specifieke klus. De fabrieksinstellingen zijn een gemiddelde van alle mogelijke situaties, en dat gemiddelde is zelden goed genoeg voor precisiewerk. Door slim te tunen, haal je veel meer detail uit je metingen en voorkom je dure misinterpretaties. Deze handleiding leert je de camera in 15 tot 20 minuten volledig in te richten voor dagelijks, probleemloos gebruik.

Wat je nodig hebt voor de eerste configuratie

Voordat je begint, zorg je dat de basis op orde is. Je hebt natuurlijk je Uni-T warmtebeeldcamera nodig, bijvoorbeeld een UTi165I of UTi260I, maar de stappen gelden voor de meeste modellen uit de UTi-lijn.

Zorg dat de batterij volledig is opgeladen; een halfvolle batterij kan tijdens de eerste setup onverwachts uitvallen en instellingen resetten. Een stabiele ondergrond is essentieel voor de eerste kalibratie. Gebruik een stevig statief, zodat de camera minimaal 30 seconden stil kan staan zonder trillingen.

Je hebt verder geen speciale materialen nodig, maar een schoon microvezel doekje is handig om de lens even te controleren op vingerafdrukken of stof.

Een kleine schroevendraaier kan nodig zijn voor de fysieke schakelaars, maar dat hangt van je model af. De belangrijkste voorwaarde is een omgeving met een stabiele temperatuur, bij voorkeur binnenshuis tussen de 18°C en 25°C. Vermijd tochtige ruimtes of plekken in de volle zon bij de eerste installatie.

Pro-tip: Zorg dat je de nieuwste firmware op je camera hebt staan. Check de Uni-T website of vraag dit na bij je leverancier. Firmware-updates lossen vaak bugs op in de kalibratie-algoritmes en verbeteren de accuraatheid.

Stap 1: Fysieke bediening en basisinterface

De meeste Uni-T modellen hebben een combinatie van fysieke knoppen en een menu op het scherm. Begin met het indrukken van de aan/uit-knop en wacht tot het startscherm volledig is geladen. Dit duurt ongeveer 5 tot 10 seconden.

Zodra het beeld verschijnt, druk je op de 'MENU' of 'SET' knop om toegang te krijgen tot het instellingenmenu.

  1. Navigeer met de pijltjestoetsen naar 'Systeeminstellingen' of 'System'.
  2. Selecteer 'Taal' en kies 'Nederlands'.
  3. Ga naar 'Datum en Tijd' en stel deze correct in, inclusief de juiste tijdzone.
  4. Controleer of de tijdweergave op 24-uursformaat staat om verwarring te voorkomen.

Je eerste taak is het instellen van de taal en datum/tijd. Dit klinkt triviaal, maar voor rapportage is een correcte tijdstempel cruciaal.

Een veelgemaakte fout is het overslaan van deze stap. Later, bij het exporteren van rapporten, ontdek je dat alle metingen een verkeerde timestamp hebben, wat het bijhouden van onderhoudsgeschiedissen onmogelijk maakt. Neem hier dus 2 minuten de tijd voor.

Stap 2: Beeldweergave en kleurenpaletten optimaliseren

Un-T cameras bieden diverse kleurenpaletten (paletten). De fabrieksinstelling is vaak 'Ironbow' of 'Rainbow'.

Die zijn mooi voor demonstraties, maar voor technische inspecties zijn 'White Hot' of 'Black Hot' vaak superieur. Deze paletten geven meer contrast in specifieke temperatuurbereiken en zijn minder afleidend. Een veelgemaakte fout is het vasthouden aan het 'Ironbow' palet bij het bekijken van elektrische installaties.

  1. Druk op de 'PALET' knop op de camera (meestal een sneltoets) om door de beschikbare opties te scrollen.
  2. Test elk palet door een object in de ruimte te bekijken, bijvoorbeeld een warme koffiekop.
  3. Kies 'White Hot' (wit is warm) of 'Black Hot' (zwart is warm) voor inspecties waarbij je temperatuurverschillen snel moet herkennen.
  4. Sla je voorkeur op via het menu onder 'Beeldinstellingen' -> 'Standaard Palet'.

De overgangskleuren kunnen details verhullen die essentieel zijn voor het opsporen van losse contacten.

Probeer eens 24 uur te werken met 'Black Hot'; veel professionals raken er nooit meer aan.

Belangrijk: Pas het palet nooit aan tijdens een kritieke meting. Doe dit voordat je de specifieke inspectie begint. Tijdens het meten wisselen leidt af en verhoogt de kans op fouten.

Stap 3: Emissiviteit en temperatuurinstellingen calibreren

Dit is de meest technische stap en bepaalt de nauwkeurigheid van je meting. Zelfs bij een goedkope warmtebeeldcamera meet het toestel straling, niet direct temperatuur.

Om straling om te rekenen naar graden Celsius, moet je weten hoeveel straling het object zelf uitstraalt (emissiviteit of ε).

  1. Druk op de knop 'TEMP' of ga naar het menu 'Metingen'.
  2. Selecteer 'Emissiviteit' (ε). De standaardwaarde is 0,95.
  3. Voor blanke metalen (zoals ongeschilderd aluminium of koper) verlaag je deze waarde naar 0,10 tot 0,20. Voor geverfde metalen mag je 0,90 aanhouden.
  4. Stel de omgevingstemperatuur in (de 'Ref. Temp'). Dit is de temperatuur van de achtergrond of de omgeving. Doe dit handmatig voor de beste resultaten.

De standaardinstelling is vaak 0,95, goed voor de meeste niet-metalen materialen. Voordat je begint: identificeer het materiaal dat je meet. Veelgemaakte fout: Het meten van een blanke koperen leiding met de emissiviteit op 0,95.

De camera geeft dan een veel lagere temperatuur aan dan de werkelijkheid. Je meet dan de reflectie van de omgeving in plaats van de leiding zelf. Check altijd het emissiviteitstabelletje in de handleiding als je een warmtebeeldcamera per dag gaat huren.

Stap 4: Hotspots, Spots en ROI instellen voor efficiëntie

Om snel te werken, hoef je niet continue door een beeld te scrollen.

  1. Druk op de 'Meting' of 'Analysis' knop.
  2. Activeer 'Hotspot'. De camera markeert nu automatisch het warmste punt met een cirkel en getal. Dit is essentieel voor snelle inspecties van schakelkasten.
  3. Activeer 'Spot' en beweeg de cursor naar een specifiek punt, bijvoorbeeld de voet van een transformator.
  4. Voor inspecties van daken of vloeren: kies voor 'Area' (Vierkant) en teken een gebied over de koude brug. De camera toont het gemiddelde en maximum binnen dat gebied.

Je kunt de camera specifieke zones laten bewaken. De 'Spot' functie toont de temperatuur op één punt, een 'Hotspot' volgt automatisch het warmste punt in het beeld, en een 'ROI' (Region of Interest) geeft het gemiddelde temperatuurgebied van een vierkant. Gebruik de 'High/Low Alarm' functie. Stel in dat de camera een geluidssignaal geeft (of de flanken rood kleurt, een handige instelling naast het kiezen van de juiste warmtebeeldcamera kleurenpaletten) wanneer de temperatuur boven een bepaalde waarde komt (bijvoorbeeld 80°C bij motorcontroles). Dit voorkomt dat je door het scherm moet staren terwijl je iets anders in de gaten houdt.

Expert tip: Combineer een Hotspot met een Area. Zo zie je direct het maximale temperatuurpunt én het gemiddelde van de directe omgeving. Dit helpt bij het beoordelen of een hotspot gevaarlijk is of slechts een lokale afwijking.

Stap 5: Rapporten en Sneltoetsen configureren

De kracht van een Uni-T zit hem in de rapportagefuncties. Je wilt niet na een werkdag uren bezig zijn met het uitzoeken van foto's. Stel je camera in om direct te werken zoals jij dat wilt.

  1. Ga naar 'Instellingen' -> 'Rapport'.
  2. Voeg sjablonen toe: standaard is vaak alleen het beeld. Voeg toe: 'Emissiviteit', 'Omgevingstemperatuur', 'Metingen' (min/avg/max) en een footer met datum/tijd.
  3. Activeer de 'Geluidsfeedback' bij het maken van een beeld. Een piepje bevestigt dat de opname is opgeslagen zonder dat je hoeft te kijken.
  4. Bekijk de fysieke sneltoetsen. Vaak is de rode knop 'Opname', de blauwe knop 'Meting'. Als je camera dit toestaat, programmeer dan een extra functie aan de zijknoppen (indien beschikbaar) voor snel wisselen tussen paletten.

Veelgemaakte fout: De camera op 'Auto-save' zetten zonder sjablonen. Je SD-kaart raakt vol met onbruikbare bestanden omdat je niet weet welke meting bij welk object hoort.

Gebruik de mapstructuur van de camera of voeg handmatig een notitie toe via het toetsenbord op het scherm (indien aanwezig).

Verificatie-checklist

Voordat je de deur uitgaat, loop deze checklist na om zeker te weten dat je Uni-T correct is ingesteld voor je dagelijkse werkzaamheden.

Volgende stap
Lees het complete overzicht
FLIR warmtebeeldcamera: complete merkgids en productoverzicht 2026 →
E
Over Erik Jansen

Erik Jansen is thermografie-specialist met meer dan 15 jaar ervaring in bouwinspectie en industriële thermografie. Als gecertificeerd thermograaf (Level II) deelt hij zijn kennis over warmtebeeldcamera's, thermische analyse en praktische toepassingen.