7 veelgemaakte fouten bij Seek Thermal warmtebeeldcameras
Een warmtebeeldcamera van Seek Thermal is een krachtig gereedschap. Je tovert verborgen warmtebronnen tevoorschijn en ziet isolatielekken die met het blote oog onzichtbaar zijn. Toch blijken in de praktijk veel gebruikers dezelfde basisfouten te maken. Het gevolg? Misleidende beelden, gemiste kansen en een duur apparaat dat in de kast belandt. Herken jij jezelf hierin? Geen zorgen, met een paar simpele aanpassingen haal je veel meer uit je Seek Thermal camera.
Fout 1: De verkeerde emissie-instelling gebruiken
Stel je voor: je inspecteert een oud metalen dakgoot op vocht. Je camera toont een egale, koele temperatuur, maar door veelgemaakte fouten bij warmtebeeldcamera gebruik zie je het probleem over het hoofd.
Je conclueert dat alles in orde is. Een week later lekt het water toch door het plafond. Wat ging er mis?
Metalen en glanzende oppervlakken hebben een lage emissie. Dit is een van de valkuilen bij HVAC-inspecties; ze weerkaatsen de omgevingstemperatuur in plaats van hun eigen temperatuur af te stralen.
Je camera meet dus het foute signaal. Dit is een van de meest veelgemaakte fouten bij het meetbereik voor beginnende inspecteurs. De oplossing is eenvoudig, maar vereist oefening.
Plak een stukje matzwarte tape (of gebruik speciale emissiepaint) op het oppervlak wat je wilt meten. Stel de emissie-instelling in je Seek Thermal app handmatig bij op 0,95 (voor de meeste materialen) en meet vervolgens. Zo meet je de werkelijke temperatuur van het materiaal, niet de reflectie van de lucht.
Pro-tip: Geen tape bij de hand? Houd een object met bekende emissie (zoals je eigen hand of een stuk hout) vlak voor het oppervlak. Meet dat object en vergelijk de temperatuur met je meting.